H. Antonius Abt

Adresgegevens:
H. Antonius Abtkerk
Hoogstraat 5
6611 BT Overasselt

Welkom
De kerk, een rijksmonument, ligt in het hart van het dorp Overasselt. Het gebouw dateert uit 1891, toen de parochie Overasselt, die lange tijd samen met Nederasselt één parochie had gevormd, weer zelfstandig werd. De kerk is in neoromanogotische stijl ontworpen door de van oorsprong Keulse architect Carl Weber. Ze doet van binnen aan een koepelkerk denken, van buiten lijkt ze meer een kruisbasiliek. Tussen 1900 en 1902 is de binnenzijde van de kerk, die oorspronkelijk een zeer sobere kleurstelling had, opnieuw en bont geschilderd door Dorus Hermsen uit Roggel.

De Mariakapel, de voormalige doopkapel van de kerk, is overdag voor bezoekers geopend. Men kan er tot rust komen en een kaarsje aansteken. Naast de kerk ligt de begraafplaats met in het midden de monumentale calvarieberg-kerkhofkapel.

Van 2001 tot 2010 maakte de geloofsgemeenschap Overasselt deel uit van de Pastorale Eenheid Maaskant. Hoewel de pastorale eenheid is opgeheven, wordt de pastorie op Hoogstraat 5 in de volksmond nog steeds parochiecentrum genoemd. De helft van de pastorie is in gebruik als kantoor, archief en vergaderruimte voor de geloofsgemeenschap, de andere helft is de woning van pastor Frits Hendriks.

De geloofsgemeenschap van Overasselt is een levendige gemeenschap waar veel vrijwilligers belangeloos actief zijn in verschillende werkgroepen. Wij kunnen echter altijd nieuwe vrijwilligers gebruiken. Neem hiervoor gerust contact op met een van de leden van de contactraad.

Activiteiten

Extra informatie

Gebedsintenties

Zondag 17 mei 11.00 uur:

Gebedsviering door Antonius werkgroep.

Zondag 31 mei 11.00 uur:

Eucharistieviering; Ton van Balveren m.m.v. Ceciliakoor.

Gebedsintenties

  • Hent Schel
  • Leo Huijs
  • Sjef Klabbers
  • Thè Janssen en Cis Janssen-Daanen
  • Wout Rutten en Mien Rutten-den Brok
  • Johanna Derks-van de Kamp
  • Norbert van Haren
  • Pieta Martens-Verstegen
  • Gradie Schiks en Zus Schiks
  • Jan van Dartel en Jo van Dartel-Wintjes
  • Ben van de Groes
  • Overleden familie Gerrits – van Uden.

Zondag 14 juni 11.00 uur:

Eucharistieviering; Martin Claes m.m.v. Ceciliakoor.

Gebedsintenties

  • Jolanta Bruns-Zajac
  • Johanna Derks-van de Kamp
  • Norbert van Haren
  • Gradie Schiks en Sil Bruijsten
  • Hent Schel
  • Jan Duijghuisen
  • Ben van de Groes.

Zondag 28 juni 11.00 uur:

Eucharistieviering; Frits Hendriks m.m.v. Ceciliakoor.

Gebedsintenties

  • Leo Huijs
  • Sjef Klabbers
  • Wout Rutten en Mien Rutten-den Brok
  • Pieta Martens-Verstegen
  • Jan van Dartel en Jo van Dartel-Wintjes
  • Jolanta Bruns-Zajac
  • Anny Theunissen-Gerrits
  • Ben van de Groes namens de KBO
  • Jan van Dreumel.

Contact

De contactraad bestaat uit:

Adelheid den Hollander-Janssen (voorzitter)
Hermien Goltstein-Duighuisen (secretaris)
Marcel de Grunt (penningmeester)
Peter Sanders
Marga Angenendt-Gerrits
Rikie Wientjens-Lemmen

De contactraad is te bereiken via e-mail:
secretaris.contactraad.hantoniusabtoverasselt@detwaalfapostelen.nl

Geschiedenis van de kerk

Wanneer er in Overasselt voor het eerst sprake was van een parochiekerk is niet bekend, maar in ieder geval bestond die al in de dertiende eeuw. De kerk stond op de plek waar zich nu de hervormde kerk bevindt, aan de Valkstraat. De hervormde kerk zelf is het restant van een laat-gotische kerk die in de vijftiende eeuw is gebouwd en vele jaren als parochiekerk van Overasselt fungeerde.

In 1609 – toen de hervorming hier zijn intrede deed – werd de toenmalige pastoor, Petrus van Aken, beroepen tot predikant van de nieuw opgerichte hervormde gemeente en hij trouwde meteen met zijn huishoudster. Het kerkgebouw werd de Overasseltse katholieken ontnomen. Zij gingen voortaan in Mook, Linden, Gassel of Beers naar de kerk, maar pastoor Fabritius uit Mook en andere priesters kwamen ook wel naar Overasselt om in het geheim missen op de dragen en de sacramenten toe te dienen. Mogelijk gebeurde dat in boerderij de Tempel aan de Maas.

Deze ondergrondse periode duurde tot 1672, toen de Fransen onze streek binnenvielen. Het was katholieken sindsdien weer toegestaan om openlijk hun godsdienst te belijden en de katholieken van Over- en Nederasselt kregen gezamenlijk de beschikking over een schuurkerk die vermoedelijk aan de Oude Veerweg in Nederasselt heeft gestaan. Na het vertrek van de Fransen in 1678 mochten de katholieken deze blijven gebruiken. In 1729 is de kerk echter door brand verwoest en werd er een nieuwe schuurkerk gebouwd in het buurtschap Schoonenburg.

Toen de Fransen in 1795 opnieuw ons land binnenvielen kregen de katholieken grotere vrijheden. In 1808 probeerden de Overasseltse parochianen via koning Lodewijk Napoleon hun oude kerkgebouw aan de Valkstraat terug te krijgen. Van die kerk was intussen niet meer over dan het priesterkoor. Dit verzoek zal zijn afgewezen want de kerk bleef in hervormde handen en de katholieken moesten voorlopig genoegen blijven nemen met hun schuurkerk.

In 1835 liet pastoor De Ruijter naast de schuurkerk een waterstaatskerk bouwen, waarna de schuurkerk werd afgebroken. Nu hadden Over- en Nederasselt voor het eerst sinds lange tijd weer een echte kerk met een toren. Niet lang daarna, in 1840, mochten de katholieken bij de nieuwe kerk ook een eigen begraafplaats inrichten. Van de kerk is helaas geen foto bewaard gebleven.

Al vormden de parochianen van Over- en Nederasselt in de negentiende eeuw al bijna tweehonderd jaar één parochiegemeenschap, toch verlangden met name de parochianen van Nederasselt naar een eigen kerk. In de jaren tachtig kregen zij steun van een groep inwoners van Overasselt die aan de Heumense kant van het dorp woonden. Pastoor Smits hield de kerk echter liever op de Schoonenburg. Nadat hij in 1889 was overleden, volgde Lambertus van Esch hem op en deze ontwikkelde zich direct als een echte bouwpastoor.

Lambertus van Esch (1844-1926), afkomstig uit Schijndel, was 45 jaar toen hij pastoor van Over- en Nederasselt werd. Net als zijn kapelaan Van Hooff, die ook al kapelaan was onder pastoor Smits, stond hij volledig achter het plan om de parochie te splitsen en er ontstond onmiddellijk een drukke correspondentie tussen de pastoor en monseigneur Godschalk, de toenmalige bisschop van Den Bosch. Niet alle parochianen waren gelukkig met het plan. Met name een aantal bewoners van het buurtschap Schoonenburg probeerde de splitsing tegen te houden. Schoonenburg was in feite de kern van Overasselt. Nog maar kortgeleden, in 1882, was daar zelfs een nieuw gemeentehuis gebouwd. Pastoor van Esch startte evenwel een intekenactie om geld bij elkaar te krijgen voor de bouw van twee nieuwe kerken met pastorieën. Deze actie verliep voorspoedig en op 9 december 1889 schreef de bisschop dat hij had besloten tot de bouw van twee nieuwe kerken en twee nieuwe pastorieën. Beide parochies zijn onder de hoede van Sint-Antonius Abt hun eigen weg gegaan. Pastoor Van Esch werd pastoor in Overasselt en kapelaan Van Hooff in Nederasselt.

De nieuwe kerk en pastorie van Overasselt zouden worden gebouwd op een perceel aan de Hoogstraat, op zo’n anderhalve kilometer van de oude waterstaatskerk. Als architect werd Carl Weber (1820-1908) aangezocht. Weber had in die tijd al een behoorlijk aantal kerken gebouwd, zoals de kerk in Raamsdonkveer, waar Van Esch lange tijd kapelaan was geweest. In de periode van 1881 tot 1893 liet Weber zich inspireren door de Rijnlandse romano-gotische stijl. Ook de kerk van Overasselt zou hieronder kunnen worden gerangschikt, al wijkt de kerk op meerdere punten af van andere Weberse kerken uit die periode. Zeer opvallend is dat de kerk maar één toren heeft. Op de plaats waar volgens het oorspronkelijke ontwerp de tweede toren had moeten staan is een doopkapel gebouwd (tegenwoordig Mariakapel), vermoedelijk om financiële redenen. Ook is de toren vier meter lager dan pastoor Van Esch zich had voorgesteld.

In het voorjaar van 1890 is men met de bouw begonnen. De begroting van 36.200 gulden werd, zoals wel vaker bij Weber, flink overschreden, zozeer dat pastoor Van Esch de bouw liet stilleggen. Nadat op een parochievergadering de familie Vos zich garant stelde voor de overschrijdingen, kon het werk worden hervat. De bouw werd nogmaals vertraagd door de strenge winter van 1890-1891, maar in de zomer van 1891 kwam de kerk dan toch gereed. De totale bouwkosten bleken 60.200 gulden. Hiermee was er geen geld meer voor een nieuwe inventaris en werd alles wat in de oude water­staatskerk nog bruikbaar was overgebracht naar de nieuwe kerk.

Op 10 augustus 1891 vond de officiële inwijding plaats door monseigneur Godschalk. Het Heilig Sacrament werd in een plechtige optocht van de oude naar de nieuwe kerk over­gebracht, waar de kerkwijding plaatsvond, gevolgd door een pontificale gregoriaanse mis.

Pastoor Van Esch voelde zich door de overschrijding van de bouwkosten ‘een slaaf van het geld’, maar hij wist door zijn beminnelijke persoonlijkheid vele mensen ertoe te bewegen hem financieel te ondersteunen. Zo kreeg hij bij gelegenheid van zijn zilveren priesterjubileum in 1895 van zijn parochianen een hardstenen vloer voor de kerk. Tussen 1900 en 1902 werd de binnenzijde van de kerk opnieuw en bont geschilderd door Dorus Hermsen uit Roggel. In 1910 kwam het triomfkruis (boven het altaar) en in 1914 volgden de kruiswegstaties. In 1922 werd er een orgel aangeschaft. Tot die tijd had men gebruikgemaakt van een harmonium. Het orgel liet men bouwen door de beroemde firma Seifert uit Keulen. Helaas is het in verval geraakt en in 1956 vervangen. In november 1925 nam pastoor Van Esch om gezondheidsredenen ontslag. Hij stierf een jaar later, op 1 december 1926, in zijn geboorteplaats Schijndel, waar hij ook is begraven.

Zijn opvolger, Henricus van Riel (1878-1945), was pastoor in roerige tijden. Zo brak vrijwel meteen na zijn aantreden op Oudejaarsdag de dijk bij boerderij ’t Roth, met als gevolg dat de gehele streek onder water kwam te staan. Gedurende de twintig jaar waarin Van Riel pastoor was, werd de kerk voorzien van een nieuwe doopvont en een nieuwe preekstoel (1930). Ook is hij verantwoordelijk voor de bouw van de kerkhofkapel in 1933/1934, evenals voor het Heilig-Hartmonument tussen pastorie en kerk. Verder heeft hij zich bijzonder ingespannen voor de oprichting van de katholieke Petrus Canisiusschool in 1927.

Op 15 augustus 1941, gedurende de Tweede Wereldoorlog, werd het gouden jubileum van de parochie gevierd. Dit feestelijk jubileum werd een jaar later gevolgd door een trieste gebeurtenis, namelijk het weghalen van de klokken door de Duitse bezetter, in december 1942. Het waren nog de oude klokken die sinds 1830 in de waterstaatskerk hadden gehangen. Pastoor Van Riel heeft op de zondag erna tijdens de preek een grafrede voor de klokken uitgesproken. Pas in 1949 zijn er nieuwe klokken gekomen.

Negen maanden na de bevrijding stierf pastoor Van Riel. Hij werd bijgezet in zijn eigen kerkhofkapel. Gerardus van Hout (1900-1973) volgde hem op. Pastoor Van Hout is nog steeds een begrip in Overasselt. Stond pastoor Van Riel midden tussen zijn parochianen, Van Hout was een echte “Mijnheer Pastoor”, streng en waardig. Hij eiste van zijn parochianen, evenals van zichzelf, een strikte naleving van de geboden en voorschriften en alle vermakelijkheden moesten wijken voor het bijwonen van de erediensten. Zo kon het gebeuren dat hij persoonlijk de voetbalwedstrijden op het terrein naast de kerk kwam beëindigen als het Lof begon. In de tijd van pastoor Van Hout is het beeld van Sint-Antonius abt in de voorgevel van de kerk geplaatst en zijn de houten zijaltaren vervangen door onder meer een Maria-altaar, ontworpen door de plaatselijke kunstenaar Wim Klabbers, die later ook het koorhek vervaardigde dat op de plaats van de communiebank kwam. In november 1968 ging pastoor Van Hout om gezondheidsredenen met emeritaat. Hij overleed op 6 juli 1973 en werd op het Overasseltse kerkhof begraven.

Pastoor Van Hout werd na zijn afscheid in november 1968 opgevolgd door Petrus (Piet) van Thiel (1925-2011). Onder zijn pastoraat werd, als uitvloeisel van de liturgische vernieuwing, het priesterkoor ingrijpend gewijzigd: er kwam een nieuwe altaartafel en het koorhek kreeg een andere bestemming. Omdat de huisvesting van de pastoor niet meer in overeenstemming werd bevonden met de geest van de tijd, liet men voor hem een nieuwe, moderne bungalow bouwen. De oude pastorie werd aan de gemeente verkocht, die het in gebruik nam als gemeentehuis. In juni 1989 kwam het kerkgebouw op de gemeentelijke monumentenlijst te staan en in hetzelfde jaar vond een uitgebreide restauratie plaats.

In september 1991 werd het eeuwfeest van de parochie op grootse wijze gevierd, onder meer met de uitgave van het gedenkboek “Een eeuwfeest rond Sint Antonius Abt” waarin de geschiedenis van de parochies Neder- en Overasselt werd beschreven. Op 1 februari 1995 ging Van Thiel, ofwel “de gezelligste pastoor”, zoals hij bij zijn zestigjarig priesterschap werd genoemd, met emeritaat en hij vestigde zich in Oss. Hij overleed op 30 april 2011 en is op het Overasseltse kerkhof begraven.

Pastoor Van Thiel werd opgevolgd door pater kapucijn Kees van den Muijsenberg (1956), die – sinds april 1990 – ook al pastoor van Nederasselt was. In 1998 werd Van den Muijsenberg bovendien pastoor van Heumen. Zijn medebroeder pater Wim Snik werd benoemd tot assistent-pastor.

In 1998 besloten de drie kerkbesturen om samen te gaan werken. Sindsdien werden de drie parochies de streekparochie Maaskant genoemd. Er werd een stuurgroep pastoraat in het leven geroepen om beleid te vormen naar de toekomst toe en in juli 1998 verscheen het eerste nummer van parochieblad de Maaskanter.

Toen pastoor Kees in de zomer van 1999 tot vicaris provinciaal van zijn orde werd benoemd, nam hij afscheid van de Maaskant. Er volgde een korte overbruggingsperiode waarin twee priesters van buiten de weekendvieringen kwamen verzorgen in de drie kerken, tot er in maart 2000 een nieuwe pastoor werd benoemd: de pater sacramentijn Jan van Mil (1939). Intussen was het samenwerkings­proces voortgegaan en op 7 juni 2001 werd het parochiebestuur van de pastorale eenheid streek­parochie Maaskant geïnstalleerd. De drie oude kerkbesturen waren sindsdien beheerscommissies. Niet lang daarna – in mei 2002 – werd de kerk, tezamen met de kerkhofkapel en het Heilig-Hartbeeld, door de Rijksdienst voor de Monumentenzorg aangewezen als beschermd monument.

Pastoor Van Mil is gebleven tot eind 2003, waarna er wederom een “pastoorloos” tijdperk aanbrak. De weekendvieringen werden verzorgd door onder andere de eerder genoemde pater Snik, de paters franciscaan Guus Wijnhoven en Jan Kortstee en de pater sacramentijn Frans Weersink. En af en toe door diaken Aloys van Velthoven, die sinds november 2000 al met regelmaat in de Maaskant te vinden was.

Broeder sacramentijn Aloys van Velthoven (1962) werd op 22 september 2001 tot diaken gewijd, nadat hij vanaf november 2000 in de Maaskant stage had gelopen. Met ingang van 1 oktober 2002 werd hij benoemd als diaken van de pastorale eenheid streekparochie Maaskant. Al snel was Aloys een zeer bekend gezicht in Overasselt. Na een grondige verbouwing van de pastorie werd hij er de nieuwe bewoner. In 2006 begon hij aan een priesteropleiding. Ongeveer gelijktijdig gingen de wekelijkse vespervieringen op donderdagavond in de kerk en – iets eerder – de maandelijkse vieringen in de Mijlpaal van start. Enige tijd daarna volgden ook nog de tweewekelijkse vieringen met de bewoners van Dichterbij op maandagmiddagen*.

In 2007 werd het priesterkoor in de kerk opnieuw ingericht en gestoffeerd en voor de koren plaatsgemaakt in de linkerabsis. Tussen alle bedrijven door rondde Aloys zijn priester­opleiding met succes af en op 14 juni 2008 werd hij in de Heumense kerk tot priester gewijd. Daarmee had de Maaskant eindelijk weer een nieuwe pastoor. Want zo werd Aloys toch door velen gezien.

Een jaar later werd bekendgemaakt dat de bisschop van Den Bosch de Maaskant (Heumen, Nederasselt en Overasselt) had aangewezen om samen met de Hoeksteen (Achterlo, Alverna, Balgoij, Wijchen en Woezik) en het Kruispunt (Batenburg, Bergharen, Hernen/Leur en Niftrik) één nieuwe parochie te vormen. Er werden verschillende stuurgroepen geformeerd en na een periode van inventariseren en vergaderen werd op 19 september 2010 met een plechtige eucharistieviering in de Wijchense centrumkerk de nieuwe parochie De Twaalf Apostelen opgericht. Het oude parochieblad de Maaskanter maakte plaats voor De Apostel­bode, het bestuur van de streekparochie werd opgeheven en de drie beheers­commissies waren voortaan contactraden. Deze fungeren als de contacten van het nieuwe bestuur met de oude parochies, nu voortaan geloofsgemeenschappen geheten.

Eerder gepubliceerd in De Apostelbode van maart t/m augustus 2016 naar aanleiding van het 125-jarig bestaan van het kerkgebouw.

* Zowel de vieringen op donderdagavond, als de Mijlpaal- en Dichterbijvieringen zijn inmiddels gestopt.